Ontploffing in smederij

DORPSSMEDERIJ / ’t LINDENHOLT   ST. AGNETENWEG 65

werwer

werwer

 

In het pand, nu bekend als kapsalon “Salon Esther”, huisde vroeger de dorpssmederij, waarin in 1950 een hevige ontploffing het leven kostte van de smid en twee van zijn knechten.

Historie

Het pand ’t Lindenholt aan de Sint Agnetenweg 65 werd in 1916 door Jan Derks, bekend als Jan de Smid, gebouwd als dorpssmederij met woonhuis.

Jan de Smid begon zijn bedrijf in de boerderij van zijn broer Bertus op nr. 75, hoek Zwanenstraat, en zette het vanaf 1916 voort in het nieuwe pand. Het was een typische dorpssmederij, waar allerlei reparaties werden verricht, vooral aan landbouwwerktuigen en machines. Ook werden nieuwe onderdelen vervaardigd als dat nodig was. Paarden werden beslagen, ploegscharen gescherpt en gereedschap verkocht. Het was ook een rijwielherstelplaats. In 1945 heeft Jan Derks het bedrijf overgedaan aan Jan Haerkens. Jan Derks stierf in 1960. Hij werd 79 jaar.

Jan en Mies Haerkens

Jan en Mies Haerkens

 

 

Jan Haerkens zette het bedrijf voort tot aan zijn noodlottige dood op 3 februari 1950 (zie onder). Mevr. Haerkens-Tromp zette toen samen met Piet Haerkens, een neef uit Malden, het bedrijf voort. Omstreeks 1960 verkocht zij het bedrijf aan Gradje Strik. Gradje werkte hier tot 1963 als smid. Hij verkocht ook nieuwe landbouwtractoren van het merk Porsche. Maar omdat er in Neerbosch op nog twee andere plaatsen tractoren werden verkocht, hield Strik er mee op. Wim Wellen kocht het pand in 1964.

 

 

 

Firma 't Lindenholt 1980Op 22 februari 1965 huurt Wim Peters, voormalig zaakvoerder van het pakhuis van de Boerenbond, het pand van Wim Wellen en begint hier op bescheiden schaal een bedrijf voor de verkoop van veevoeders en kunstmest. Vanaf 1970 noemt hij zijn bedrijf “ ’t Lindenholt”. Na de dood van Wim Peters in 1977, zetten zijn vrouw en zoon Gerard het bedrijf tot 1984 op dezelfde plaats voort en gaan dan naar nieuwbouw aan de overkant.

Daarna waren diverse kappers- en bloemenzaken gehuisvest in ’t Lindenholt. In 1998 trok Salon Esther in het bijgebouw. De salon werd in 2005 verplaatst naar het hoofdgebouw.

 

 

Hevige ontploffing op 3 februari 1950 in de smederij van Jan Haerkens

Op de vroege ochtend van 3 februari 1950, ’s morgens om kwart over acht, werd Neerbosch opgeschrikt door een hevige ontploffing die tot in de wijde omtrek te horen was en gepaard ging met een grote drukgolf. Al snel bleek, dat zich in de smederij van Jan Haerkens een verschrikkelijk drama had afgespeeld, waarbij drie doden te betreuren waren en een vierde slachtoffer in het Canisius Ziekenhuis moest worden opgenomen. Bij de ontploffing kwam de eigenaar van de smederij, Jan Haerkens, 47 jaar om het leven, eveneens zijn knechten H. Perlo, 19 jaar en W. van Bremen, 18 jaar. Piet Haerkens, een 20-jarige neef van de eigenaar, werd zwaar gewond in het ziekenhuis opgenomen.

ongeluk0002In de ochtend van 3 februari waren Jan Haerkens en zijn drie knechten in de smederij aan het werk toen zich de ontploffing voordeed. De vier personen werden met zeer grote kracht tegen de grond geslagen. Tegelijk vlogen onderdelen van machines en werktuigen en in de smederij staande voorwerpen alle kanten uit. Ook het dak stortte in. Het was een onbeschrijfelijke ravage.

Onmiddellijk snelden buren te hulp. Zij troffen de 19-jarige knecht H. Perlo uit Wijchen dood aan. De tweede knecht, de 18-jarige W. van Bremen, troffen zij niet aan. Over zijn lot bleef onzekerheid tot de gealarmeerde brandweer hem tijdens het onderzoek aantrof tussen de puinhopen.

De eigenaar, Jan Haerkens en de derde knecht Piet Haerkens troffen zij wel zwaar gewond in de smederij aan. Jan Haerkens vertoonde nog tekenen van leven, maar overleed korte tijd later. Piet Haerkens, werd door de toegesnelde buren eerst bij de familie Akkers aan de overkant opgenomen en later naar het Canisius Ziekenhuis overgebracht. Hij had diepe verwondingen aan heup en borst, maar er bestond voor hem geen direct levensgevaar.

GROTE RAVAGE

De ontploffing had een grote ravage veroorzaakt. De smederij werd nagenoeg geheel vernield en ook de achterzijde van het woonhuis liep ernstige schade op. Verschillende binnenmuren werden zelfs uit hun verband gerukt. Gelukkig bevonden de vier kinderen van Jan Haerkens zich niet meer in de slaapkamer. Deze kamer had eveneens ernstige schade opgelopen. Het bedrijfspand en woonhuis boden een troosteloze aanblik. Honderden aan gruzelementen geslagen dakpannen lagen rond het gebouw en een groot aantal machines, fietsen en werktuigen lagen voor de ingang van de smederij.

DE OORZAAK

Al spoedig stond vast, dat de ontploffing niet veroorzaakt kon zijn door een acetyleenfles of carbidinstallatie. Men vermoedde, dat de oorzaak moest worden gezocht in het ontploffen van een ijzeren buis. Onlangs was een hoeveelheid buizen afkomstig van geallieerd oorlogsmateriaal bij de smederij afgeleverd.

Aan de smid, die bekend stond als een zeer goed vakman, was verzocht de buizen geschikt te maken voor weide-afrastering. Vaak moesten ze recht gebogen of juist verbogen worden.

Jan Haerkens, die ook bekend stond als een voorzichtig man, was blijkbaar niet op de hoogte dat buizen, afkomstig van de geallieerden, gevuld konden zijn met springstof om wegen of versperringen op te blazen.

In de te bewerken buis zat springstof en toen die buis met vuur werd bewerkt, veroorzaakte dat de verschrikkelijke ramp.

Cecile, Els, Mevr. Mies Haerkens, Gré en Hannie

 

Mevrouw Mies Haerkens-Tromp bleef achter met haar vier jonge kinderen Cecile, Gré, Hannie en Els, resp. 7, 6, 4 en 3 jaar oud.

 

 

 

 

Uit: Neerbosch, toen ik er nog woonde van Ton Pauls, De Gelderlander van 3 februari 1950 en bewerkt door Kees Broekman.

 

 

Translate »